Zondagskinderen op de Fab City Campus

Hans Kalliwoda Balcony
Kunstenaar Hans Kalliwoda

Dit is kunstenaar Hans Kalliwoda. Hij is een zondagskind en rookt hier op zijn gemak een sigaretje op het balkon. Hij is de liefste, geduldigste en meest oprechte persoon die ik ken en bovendien idealistisch tot op het bot. Zijn geniale installatie World in a Shell staat nu te glimmen op het zonovergoten Java-eiland te Amsterdam, alwaar hij met veel moeite (zacht uitgedrukt) een plek veroverd heeft op de Fab City Campus, een initiatief van Pakhuis de Zwijger in het kader van Europe by People, een complex web van belangen en idealen waar ik nog steeds mijn vinger niet op heb kunnen leggen.

wias april 2016.jpg
Installatie World in a Shell

Gister, zondag, waren wij ter plaatsen om verder te werken aan de opbouw van de Shell, een proces waar 140 man-uren voor nodig zijn, en wat hij de afgelopen weken met één toegewijde vriend (en 3 vrijwilligers voor 3 uurtjes) voor elkaar gekregen heeft. Officieel is de campus nog niet in het weekend geopend. Helaas weet niemand dit, zodat wij constant door geinteresseerde dagjes-mensen van ons onbetaalde werk afgehouden worden. Hans kan hier prima mee omgaan. Hij is vriendelijk tegen iedereen en wordt door de kinderen uit de buurt al ‘Mister Carnival’ genoemd. Zijn tent heeft een magische aantrekkingskracht.

Hans Kalliwoda
‘Mag ik nou naar binnen, mama?!´

Helaas geldt dit niet voor de directeur van het hele gebeuren, Egbert Fransen. De beste man heeft nog geen enkele interesse getoond en maakt Hans het leven in dit walhalla van duurzaamheid alleen maar moeilijk. Hij noemt hem een stalker en is compleet blind voor de briljantie van de kunstinstallatie die hier zomaar gratis en voor niks zijn campus naar een hoger plan staat te tillen. Het feit dat menig ondernemer, die tijdens dit event zijn duurzame koopwaar in de etalage zet, ooit geinspireerd werd door Hans, zegt hem blijkbaar niets. Een gemiste kans, aangezien hij als ‘product champion’ de World in a Shell op de TU Delft in een periode van vijf jaar met meer dan vijftig studenten en een heel arsenaal aan progressieve ingenieursburo’s en  fabrikanten ontwikkeld en gebouwd heeft…  En dit ruim tien jaar geleden.

Europe by People World in a Shell Hans Kalliwoda
?

Wat mij opvalt is dat de vormgeving van dit duurzaamheidsspektakel een heel ander verhaal vertelt dan wat ik zo van dichtbij mee heb mogen maken. ‘Europe by People-creating a future together’… Ik voel het nog niet helemaal. Wel voel ik een diepe gedrevenheid opkomen die mijn innerlijke zondagskind uitdaagt mijn utopische zonnebril op te zetten en mijn/onze kant van het verhaal met jullie te delen.

Wordt vervolgd, met liefde.

 

Brief aan Jan Zoet, de huidige directeur van de Amsterdamse Theaterschool

Beste Jan Zoet,

Er is veel te doen in de media over seksueel machtsmisbruik binnen de theaterschool. Er is een artikel in de Volkskrant verschenen waarin Ruut Weissman en Jappe Claes over één kam worden geschoren. Jappe ken ik niet. Die is vertrokken. Mijn verhaal gaat over mijzelf en Ruut Weissman, de uitermate charismatische en getalenteerde artistiek leider van de voormalige Academie voor Kleinkunst. Daar ben ik ruim 15 jaar geleden afgestudeerd. Zwaar depressief en in de war. Dat is uiteraard niet alleen Ruut zijn schuld en nu ben ik een gelukkig artieste met een afwisselend en spannend leven die haar gezin ruimschoots en blij te moede onderhoud.

Ik wil graag mijn verhaal vertellen om de vrouwen te steunen die hebben geleden onder het seksuele, maar vooral ook emotionele machtsmisbuik van Dhr Weissman en andere mannen in het werkveld. Het erge is: het kan best dat hij zelf niet eens door heeft wat voor impact hij op deze vrouwen heeft en heeft gehad. Er komen berichten door die zeggen, ja, maar wíe dan, en wát dan, iedereen blijft zo vaag… Klopt. Hij heeft mij ook haast met geen vinger aangeraakt. Maar hij heeft me wel laten barsten toen ik uit puur ongeluk en onvermogen flauw viel op het podium. Ter verduidelijking:

Cato Fluitsma portret Mark Rietveld
De Breda’s krant schreef ooit over mij: ‘Cato Fluitsma wil nu al een diva zijn…’

Ik zat in het eerste jaar en haalde mijn propedeuse. Toch ging ik van school. Waarom? Ik weet nog dat ik huilend bij Ruut op kantoor zat. ‘Als ik voor jou sta te zingen heb ik het gevoel dat je alleen maar naar m’n tieten zit te kijken’ (en die mochten er wezen kan ik je vertellen… ) Ik ben, weet ik nu, behoorlijk hooggevoelig en ook niet dom en ik had goed in de gaten dat er iets niet deugde aan de manier van leiding geven van deze lieve Ruut. Iedereen was verliefd op hem. Króóp voor hem. De jongens evengoed als de meisjes. En de jongens nemen het nu voor hem op. Logisch als je zo fijn bent geholpen in het wereldje. Acda en de Munnik, de Vliegende Panters, ja, ze hadden een heerlijke tijd. En hij ís ook een geweldig regisseur en een in wezen lief mens, en ik hóópte ook zó dat hij mij zag staan en écht zou doorgronden…  Maar nee.

Ruut Weissman
Ruut Weissman, ook voor mij een haat liefde verhouding

Ik vertrok naar Antwerpen, naar het Herman Teirlinck Instituut. De eerste week op mijn nieuwe school boog ene Peter Gorissen, de toneeldocent aldaar, over de piano en zei: ‘Alé, ik word nogal eens verliefd op meisjes’. Ik kon wel door de grond zakken. Wat was ik kwaad!! We hielden ellenlange toneelimprovisaties in de kelders van het oude schoolgebouw. Ik raakte verdwaald en wist niet wat ik moest, behalve de leukste jongen van de klas versieren. Want ja, wat moet je anders…  Kijk. Ik begrijp die mannen wel. Ik hou ook enorm van flirten en erotische, liefdevolle spanning voelen is het heerlijkste wat er is. En oh, wat lijkt het mij moeilijk als ik nu een klas vol smeuïge jongens en meisjes onder mijn hoede zou krijgen. Ik zou ook willen dat ze verliefd op me zouden worden. Denk ik…  Of ben ik daar nu inmiddels te volwassen voor en zou ik echt, uit mijn hart, het beste willen voor deze jonge mensen zodat ze een werkzaam leven in de praktijk kunnen opbouwen?

Jan Decleir (2)
Een goed acteur is nog geen goed pedagoog

Enfin, Jan Decleir heb ik ook meegemaakt aldaar. Ik heb een heerlijk ranzig verhaal in de aanbieding wat ik maar wát graag op feestjes vertel. Het heeft te maken met een jong, verloren, niet al te knap en spichtig biseksueel meisjes dat al vanaf haar kindertijd een enorm fan van was deze Vlaamse kolos. En maar handjes vasthouden in de kroeg tot in het ochtendgloren, en maar citroenjenever zuipen en alléén met het jonge veulen repeteren in diezelfde schimmige kelders… Ja, het spreekt tot de verbeelding… ‘Kleed je maar een beetje uit schatteke, leen maar een mooi bh-tje van je vriendin, en ach, weet je wat, het stuk (van Vondel) gaat over het begin van het kwaad, dus waarom zou je geen kakske doen in die grote ijzeren pot??’ Ik lieg niet en ik bibber van angst want oh wee als ‘Dun Jan’ dit te lezen krijgt… Maar het is wél de waarheid en zwart van woede heb ik over de gangen van het instituut rond geraasd. Ik heb Jan uitgescholden, ik kon me niet beheersen. (Een vrije slappe docent haalde het nog in zijn hoofd om mij te melden ‘dat ik nu in elk geval kon zeggen dat ik Jan Decleir had uitgekafferd’, alsof het iets lolligs betrof) Toen ik het veulen vlak na haar examen vroeg hoe het ging (de ‘kak’ tip was bedoeld voor haar eindpresentatie) zei ze: ‘Ach weet je, ik was zo zenuwachtig, ik had diarree’. Ze heeft het niet gehaald….

Dick en Mariet Fluitsma
Mijn ouders met carnaval

Dus ja. Daar ging ik weer. Dit keer naar mijn ouders in Breda. Fijne kunstzinnige mensen, ik kwam daarvóór van de Vrije school. Ik dacht, als ik het dan allemaal zo goed weet dan moet ik het maar zelf doen ook. Dat deed ik. Ik maakte een voorstelling, liedjes, een decor, ik belde de krant en had succes. Welliswaar in kleine kring, maar het theatertje was vijf avonden uitverkocht en men heeft het er nog jaren over gehad. Maar ja, wat moet je in Breda?  Geen netwerk, geen diploma… Dus ik ging terug. Terug naar Ruut. Want ergens hield ik ook wel een beetje van hem en ik wist het verder ook niet goed. Mijn oude klasgenoten waren inmiddels aan het afstuderen en ik kwam in een nieuwe groep terecht. Ik voelde me dood onzeker. Want ja, ik was weggegaan en kwam nu weer terug. Nou, dan moest ik mezelf maar eens bewijzen! Zo voelde dat… Ik speelde dezelfde voorstelling als in  Breda maar kreeg nu totaal geen respons. In Breda klapte de mensen toen ik opkwam wat maakte dat ik ontspande en de energie begon te stromen. Hier wachtte ik af en bleef het stil. Akelig stil… Je moet weten, ik zat ook niet erg lekker in mijn vel. Was niet geaard, kon slecht zingen, had sociale problemen, geen vriendinnen en ik blowde teveel.

Cato Fluitsma Kleinkunst Academie
Ik toendertijd op het dak van de Theaterschool (ben er nog nét niet afgesprongen…)

Toen gebeurde er iets dat voor mij echt traumatiserend is geweest. Ik wilde een programma maken. Alléén, ik was tenslotte een individualist met een eigen mening en een eigen smaak… Ik werd geregisseerd door Paul de Munnik, u weet wel, van Acda en de Munnik. Waarom? Ik heb geen idee. Misschien omdat Ruut hem een baantje gunde? Ik schreef een stukje over orgasme problemen. Sorry mensen, als ik u geneer, ik kan nu met een gerust hart vertellen dat ik daar gelukkig al heel lang geen last meer van heb. Toen wel. Ik koos veel te moeilijke nummers van Jacques Brel en Dolly Parton en ging ongelofelijk op mijn bek. Ik bakte er helemaal niets van en stond te trillen op mijn benen. Ik voelde hoe genant het was terwijl ik stond te spelen en viel flauw. Báf. Op de grond. Ik werd getroost door de pianist met wie ik wel een goed contact had, maar die bepaald niet onberoerd bleef bij het voelen van mijn jeugdige vrouwenlichaam… En toen? Ik weet het niet meer. Ik dwaalde steeds meer af en verzon een enorm gecompliceerd eindexamenstuk. Heel vooruitstrevend, maar véél en véél en véél te hoog gegrepen. Werd ik geremd? Gesteund? In contact gebracht met inspirerende mensen? Niets van dat al. Ruut had geen tijd, was bezig met zijn vrienden en zijn eigen producties. Aan mij viel geen eer te behalen…

Het raakt me echt als ik dit schrijf. Het knaagt en het doet pijn. Als ik Acda en de Munnik op de radio hoor dan moet ik bijna kotsen. Niet dat ik ze hun succes niet gun(de), maar mijn leven en carriere hadden er heel anders uit kunnen zien als Dhr Weismann écht zijn verantwoordelijkheid had genomen en had geluisterd toen ik zei: ‘Als ik voor jou zing voelt het alsof je alleen maar naar mijn tieten zit te kijken’.

Cato Fluitsma Spiri Accordeon
Ik, zoals het nu met me gaat

Alles heeft een reden en ik ben nu trots op wat ik doe. Ik had de strijd misschien ook nodig om te kunnen zijn wie ik nu ben. Ik was misschien iets teveel over het paardje getild. Vóór de Kleinkunst heb ik nooit ergens voor hoeven werken, alles kwam me aanwaaien… Talent, daar word je mee geboren, en het is een hele klus en verantwoordelijkheid het te ontwikkelen en er van te genieten. Dat geldt voor mijzelf maar zeker ook voor mensen die betaald worden om anderen te coachen en te inspireren. En dáár gaat deze hele toestand over, wat mij betreft.

Beste meneer Zoet, ik ken u niet, maar uw achternaam geeft hoop.

Veel liefs,

Cato Fluitsma

 

Daklozenkoor ‘De Straatklinkers’ zat even zonder accordeonist, totdat…

Alfredo mij hoorden spelen bij De Hermitage alwaar ik een mini-optreden deed voor de avonturiers die mee deden aan de 2e Geluks-Expeditie van Nico Aschermann (zie mijn verhaal hiervoor: ff naar beneden scrollen da’lijk).

Het ging als volgt: ik was klaar met spelen, maakte een buiging en werd vervolgens aangesproken door een knappe jongeman. ‘Mefrouw, ken ik iets aan u vragen?’ ‘Maar natuurlijk’, antwoordde ik beleefd. ‘Ken u effe meekomen? We hebben een daklosekoor en Arie, die er normaal altijd is, of nou ja, vaak, die is er vandaag dus niet, dus misschien ken u effe meekome?’

Daklozenkoor ´De Straatklinkers´

Ik dacht niet meteen: yes! Want ik had interrelationele spanningen en werkgerelateerde stress, maar na even wikken en wegen ging ik mee. Natuurlijk ging ik mee! Ik had vorige week toevallig nog gezegd tegen iemand dat het begeleiden van koren me wel leuk leek. En zinnig. En toen zei diegene dat er momenteel veel vraag naar is. Dat bleek nu dus ook. En bovendien bedacht ik me dat dit vast en zeker ook wel een goed verhaal op zou leveren… Niks sociaal gevoel, scoren willen we!

Beneden in de Diaconie kreeg ik een kop koffie en een map vol liedjes, waar ik er gelukkig genoeg van kende, en voelde ik me helemaal blij. Wat super! Wat mooi dat dit bestaat. Zingen met elkaar, even niet denken aan de druk van het dagelijks leven. Dat geldt voor de daklozen maar net zo goed voor mij (al zijn mijn problemen van een hele andere orde natuurlijk… )

Toen ik vrijwilligster Rosalinda belde om te vragen of ze misschien een leuke foto had, zei ze dat het juist de bedoeling is van het koor om veel naar buiten te treden. Ik kreeg al een lijstje met optreeddata mee en of ik maar vooral vaker wilde komen. Er is ook een socialmedia groep genaamd ‘De Straatvogels’, alwaar ze leren twitteren enzovoorts en het feit dat ik nu bijvoorbeeld over hen schrijf wordt zeer gewaardeerd!

Daklozenkoor De Straatklinkers Cato Fluitsma
De lieve man met gitaar heet Johannes en die kende ik al van vroeger, van het ‘Netwerk Alternatieve Reizigers’. Zo zie je maar…

Voortaan vind je mij ná de Geluks Expeditie in de ruimte van straatpastor Luc Tanja die de mensen warmhartig toespreekt alvorens ze ruim twee uur gaan zingen en praten, en als ik jullie was zou ik ze liken op Facebook en geld storten : )

Dat was het weer voor nu. Op naar een volgend avontuur: ‘In de Ban van het Buikorgel’…

 

 

 

 

 

Gratis Geluk

Gister had ik een mooi ‘toeval’. Ik fietste met mijn dochter naar school en haalde Nico Aschermann, van het polulaire blog GratisGeluk in. Dat ze zo heette wist ik toen nog niet. En wat ze deed al evenmin. Ik had haar ontmoet in de sportschool tegenover mijn huis en vond haar onmiddelijk bijzonder aardig en inspirerend. Vanwege haar humor en ontwapenende manier van doen. Daar werd ik erg blij van. Dus ik passeerde haar en riep: Hey, sportkamaratsky! ‘en toen brulde ze:’ Ik ga zo weer hoor, lekker beulen, kom je ook?’

Ik kwam óók en na een half uur ploeteren op de lopende band hadden we een zakelijke deal. Ik zou de volgende dag onderdeel zijn van haar GeluksExpeditie door Amsterdam. Ik had haar verteld dat ik ‘Push It ‘ van Salt ´n Peppa op accordeon kon spelen en dat vond ze fantastisch (ik ook). Al puffende checkte ze me uit op haar iphone en raakte ik al maar meer onder de indruk van haar.

En toen vanochtend had ik een heerlijk klusje. Precies om 11:15 uur stond ik klaar voor De Hermitage alwaar haar expeditie van A naar B zou wandelen. Eerst speelde ik Amelie-achtig romantisch om vervolgens over te gaan in ‘Oeh baby baby… Get up on this! ‘. Dat was leuk, dat ging lekker en ik was gelukkig precies op tijd.

Cato Fluitsma GeluksExpeditie Hermitage
Die vrouw die haar veters strikt is Nico. De rest is op expeditie…

En nu komt ze morgen langs om mij Gratis Geluk te brengen en een portret van mij te maken en ben ik heel erg opgetogen. Ik had De Goden namelijk vriendelijk verzocht mij een beetje te helpen op het financiele gelukspad en zie hier… Ik kijk nu al uit naar de  nieuwe boekingen!! Bedankt Nico.

 

 

‘De koningin is moe’, een lied met een hoopvol einde over bijensterfte (CCD)

Met haast in mijn buik en vlinders in mijn vingers schrijf ik dit blog. Het werd tijd, want morgen treed ik op in De Balie, tijdens de door Greenpeace georganiseerde avond ‘De bedreigende BIJzaak’, een avond over bijensterfte. Nu hebben mijn ouders wel eens in de Breda’se carnavalsoptocht mee gelopen als een echtpaar bijen (een zieke bij tussen hen in op een brancard, met daarbij het opschrift: ‘hij komt niet meer bij”), ik heb helaas geen bijenkostuum in mijn bezit. Wel was ik de gelukkige draagster van een heus paashaaspak, onlangs in een niet nader te noemen winkelcentrum te Amsterdam.

haas 4
Foto: Maitre Pierre

Maar goed. De Colony Collapse Disorder is een heel serieuze zaak en ik heb daarover dan ook een heel serieus lied geschreven. Een mooi lied, met meerdere muzikale thema’s, getiteld: ‘De koningin is moe’.  Ik moet zeggen, ik heb me er echt voor uitgesloofd.

Ik schreef het in eerste instantie voor het symposium van BeeCare (= een initiatief voor de bijen ín en mét bewoners van de Staatsliedenbuurt) en daar was een medewerker van Greenpeace die ons uitnodigde het lied nogmaals te komen spelen. Yes! Ik speel het samen met violist Vincent van Dam (die werd geinspireerd door het wanhopige gezoem van een ter aarde stortende bij) in de grote zaal. 

vincent en cato
Foto BeeCare symposium: Ruth Hoek

 

Ik ben heel benieuwd naar deze avond waar: (volgens de programmeurs) ‘imkers, boeren, wetenschappers en politici een antwoord zullen proberen te vinden op de volgende grote vragen: wat zijn de belangrijkste oorzaken van deze bijensterfte? Hoe kunnen we de manier waarop landbouw werkt in Nederland aanpassen om dit probleem tegen te gaan? Welke oplossingen worden nu al in de praktijk gebracht?’

Ik vind het fijn dat ik er bij kan zijn, omdat ik al jaren voel dat ik iets zinnigs wil bijdragen aan de wereld, en niet alleen maar over m’n eigen zielenroerselen moet lopen kwelen. Egoisten zijn er al genoeg, de bijen leren ons wat het is om écht samen te werken.

Luister naar mijn lied en kom morgen (vrijdag 9 mei, 20:00 uur) naar de Balie! Misschien doe ik mijn zwart-geel gestreepte bijensjaal wel om.

 

De launchparty van mijn album ‘Aardig Beest’ was een succes!

Cato2013AardigBeest47-L
Ik, met in de spiegel wat publiek

Alle foto’s: Liz Kalisvaart

Inmiddels al weer bijna twee weken geleden!! Het valt niet mee om altijd bij de tijd te blijven…

Het was die zondagmiddag 14 april voor het eerst echt heerlijk lente weer. Dat was fijn, maar ook een tikkeltje beangstigend. Zouden er wel genoeg mensen komen?

Cato2013AardigBeest40-L
The Dead Sea Captain, de producer van het album

Ik was er, en zo ook de band. Linnet van der Wal, Marc Schots en Vincent van Dam, en de producer, Colin Jones, a.k.a The Dead Sea Captain, was er ook… Of course!

Het begon om 16:00 uur, en toen was het nog akelig stil…Maar ik bleef relaxed. Ik had er alle vertrouwen in. Het geluid was goed, de stemming prima en ik had mijn allermooiste schoenen aan.

Cato2013AardigBeest53-L
Vincent, Marc, ik en Linnet

Om half vijf stroomde de meute (die zo lang mogelijk op het terras was blijven zitten) binnen. Een mannetje of vijftig, genoeg voor een gezellige sfeer in muziek café Kapitein Zeppos.

Cato2013AardigBeest22-L
Het aandachtige en blije publiek

The Dead Sea Captain speelde eerst drie  nummers, het publiek was aandachtig. En toen kwamen wij en ging het als een trein. Ik vertelde over hoe de plaat tot stand was gekomen (zie eerder op deze site), en tussendoor nog het een en ander, en na afloop kregen we veel applaus en mocht ik handtekeningen uitdelen bij de deur en natuurlijk het album signeren…

En nu ben ik inmiddels dus twee weken en een klein zwart gaatje verder en heb ik mijn agenda online gezet. Met zelfs enige optredens in Het Buitenland. Boekt u maar!!

Cato2013AardigBeest65-M
De achterkant van mijn album, met liefde

Launch party Aardig Beest, 14 april in Kapitein Zeppos!

digiflyer_launchHet belooft een bijzonder prettige middag te worden, komende zondag in het Amsterdamse Kapitein Zeppos (dat is hier). Met live muziek, leuke gasten en natuurlijk de CD!

Dus koester jezelf in de lentezon deze zondag en kom daarna even nagloeien in één van de meest sfeervolle zaaltjes van Amsterdam en laat je verrassen door Cato & Band, The Dead Sea Captain en zelfs al vleugjes van het volgende (electronische!) project van Cato…

Het album ‘Aardig Beest’ is af en uit!

In oktober begonnen we met de opnames van mijn eerste acoustische-accordeon-liedjes album. De studio bestond uit een simpele set-up tussen de aftandse piano en de immer rommelige eettafel. The Dead Sea Captain (I’m a producer from Liverpuul me, lad), had zijn 16-track recorder en goede microfoon in een rugzak meegenomen uit Engeland, en ik had ooit een condensator microfoon gekocht, die nu eindelijk gebruikt ging worden. Paar boxen erbij en het proces kon beginnen.

Elke ochtend, als de kinderen naar school en de buren aan het werk waren, gingen we aan het werk. Nummer voor nummer, spoor voor spoor hebben we het album opgebouwd. Ik speelde en zong eerst de basis van een nummer in. Dat wil zeggen de bassen en de zanglijn, en van daaruit voegden we zang- en accordeonlagen toe. The Captain draaide net zolang aan de knoppen tot hij het goed vond klinken. Dat deed hij veelal intens wiegend en met gesloten ogen.

Het was een vreugdevolle, soepele samenwerking. Meestal. Niet als ik een aanval van moedeloze depressiviteit kreeg en ernstig twijfelde aan mijn karakter en mijn toekomst als artiest. The Captain bleef dan onverminderd positief en liet zich niet afschrikken door mijn getergde zuchten. ‘You bloody diva you are… I really like what we are recording and it doesn’t have to be perfect…‘ En dan ging het proces weer verder.

Even dachten we nog om er een EP (6 nummers) van te maken, omdat de volksliedjes volgens sommige vroege luisteraars een beetje uit de toon vielen. Wij vinden dat ze er mooi bij passen en het geheel tot een kloppend verhaal maken. Op Bandcamp (waar het album te beluisteren en te downloaden is) kun je binnenkort meer over de achtergrond van de nummers lezen.

456340_10151754232290360_649642750_o

Toen nog ‘the album cover’. Chiel, mijn man,  vond de foto hiernaast heel mooi passen. The Captain met een houten paard. En dan de titel ‘Aardig Beest’ erbij. In roze… Ik vond het een goed plan, maar Colin zelf, bescheiden als hij is, zag dat helemáál niet zitten.

Op een avond, toen een groot deel van de nummers af was en we er al mijmerend naar zaten te luisteren, maakte ik wat tekeningen, waaronder één van een huilend huisje. Dat was al meer in de stijl. Chiel bedacht het idee van de strakke lijn en de kleuren, en ik heb de langgerekte krabbels diep geconcentreerd tot een goed einde weten te brengen.

Mijn vriend en sound engineer Marc Schots heeft de nummers volgens goed professioneel inzicht gemastered en hier is ‘ie dan, het album ‘Aardig Beest’!

Een verslag van het proces volgens Colin kun je hier lezen, op zijn blog. We hebben het vandaag tegelijkertijd geschreven in onze nieuwe huis studio en dedicated creative space: The High Seas Studios. Hier gaan we ons deze winter opsluiten, met computer en Engelse thee, om The Electric Soul Circus tot leven te wekken… Meer daarover op de blog van The Dead Sea Captain.

Jonge jonge jongen: het ontstaan van een liedje

Dit voelt behoorlijk professioneel: een heuse single uitbrengen. Het is een mooi nummer geworden, vind ik zelf, getiteld “Jonge jonge jongen”. Het album waar het op komt te staan is nu bijna af. Ik denk dat we het volgende week uit gaan brengen.

Gisteravond ben ik naar The Jet Lounge in Amsterdam-West geweest om de single te ‘testen’. Daar was het wekelijkse open podium van het Amsterdam Songwriters Guild.  Ik was samen met Colin Jones, a.k.a. The Dead Sea Captain. die de plaat produceert. Het was zowat een half uur fietsen – hij voor het eerst op de bakfiets (‘what a great experience!’) met daarin mijn accordeon en zijn gitaar, ik als gids voorop.

Colin logeert al een tijdje op de bank in onze huiskamer en heeft zijn 16track-recorder opgesteld naast de piano bij het raam. We hebben een paar geweldig creatieve weken achter de rug. We willen de wereld veroveren en leven van ons werk (wat al aardig lukt), en zijn er heilig van overtuigd dat we onze dromen waar kunnen maken. We geloven erin, al is het alleen maar omdat een positief toekomstbeeld vrolijk stemt. 🙂

Eenmaal aangekomen in de Jet Lounge mochten we elk drie nummers spelen. Dat is de opzet van de avond. Prima, de avond is erg populair, maar we merkten dat wij daar toch wel een beetje klaar mee zijn. Colin heeft in Liverpool (waar hij vandaan komt) vele open mic nights gehost en ik merkte aan zijn fysieke reacties dat hij sommige dappere strijders maar moeilijk kon verdragen. Ik raakte na de zevende sombere man op gitaar ook wel een tikkeltje uit mij hum 😦 Bovendien vonden we de aandacht en de interactie van het publiek niet erg hartverwarmend.

Een half jaar geleden logeerde bij ons thuis een andere jongen. Een vriend die tijdelijk onderdak zocht. Omdat ik wel van gezelligheid houd en het soms best fijn is om iets voor je medemens te kunnen betekenen, namen wij hem op in ons huishouden en boden aan hem te helpen met het weer op de rails krijgen van zijn enigszins gestrande leven…

Hoe dat afliep hoort u in mijn nieuwe single…

Dames en heren… Cato!