Dagboek 1 juli

Kallivoodoo False Flag

Wow, ik ben het schrijven voor ‘Cato’s Vrije Ruimte’ even helemaal zat. Dat gedoe over die foto van die dakloze vrouw op het bankje voor het Centraal Station.

Mensen lopen te zeuren dat ik dat niet kon maken en zeiken over privacy en zelfverheerlijking…. terwijl ik die foto had aangepast met AI en haar geld gegeven had. Alsof iemand haar überhaupt ooit zou herkennen… (en zo ja, wat dan nog… misschien brengt het iets goeds teweeg)

Nee, ik checkte niet even of ze dood was. Ze ademde. En dat was het punt ook niet. Ik ben geen hulpverlener. Ik ben een kunstenaar.

En ja, dat bankje staat er echt. Het was maandagochtend, 9 uur. Rustig dus. Kolere…

Dus nu zit ik te broeden waarover ik nu weer zal schrijven. Wat is nou echt boeiend? Wat wil ik zelf?

Wat kan taal voor me doen?
 Wat kan kunst voor me doen?
 Wat kan het internet voor me doen?
 Wat kunnen we daar voor elkaar betekenen?

Dus ik ga nu even pre-schrijven voor mijn nieuwe post. Want ik laat me niet kennen. Stelletje sufkutten, hypocriete moraalridders. Jullie willen zelf deugmensen zijn!

Terwijl er kinderen worden verkracht in diepe kelders, mensen in slechte huwelijken elkaar het leven onmogelijk maken, jongeren met vapes hun longen naar de klote helpen. Holy hell, wat een getrut.

Als je te dom bent om de gelaagdheid van mijn verhaal te begrijpen, dan ga je toch lekker naar de Libelle Zomerweek.

Ik snap ook wel dat het een beetje irritant is om te lezen. 
Iemand die het zo lekker met zichzelf kan vinden. Verschrikkelijk.

Agressie! Ik heb het zeker ook in me.

Ik heb weleens een bezem aan gort geslagen toen ik me doodergerde aan mijn toenmalige Duitse vriend, die altijd alles uitgebreid wilde repareren terwijl daar helemaal geen tijd voor was. Stoom uit mijn oren.

Ik ben ook weleens zwart van woede geweest op de theaterschool in Antwerpen omdat Jan Decleir een meisje misbruikt had. Niet verkracht, maar wel schandelijk behandeld. Heel schandelijk.

Cliffhanger. Mag ik die naam hier wel zomaar noemen? Privacy! Ja, privacy, m’n reet.

Ik heb mijn kinderen ook weleens geslagen. Een felle mep gegeven. Niet in elkaar geslagen natuurlijk, maar soms is het zo enorm ingewikkeld. De tijdsdruk, de stress en dat ze dan totaal niet luisteren en je eigenlijk heel verdrietig bent omdat je in de verkeerde relatie zit.

En dan: pets! En nou is het genoeg.

Zulke dingen gebeuren en ik heb daar alle begrip voor. Omdat ik het zelf ook in me heb.

Maar dat geventileer online. Dat toontje. Dat bestraffende toontje. Dat lopen zeiken op mensen die je helemaal niet kent. Niet gewoon iets vragen, nee, gewoon dom dingen eruit kotsen omdat je blijkbaar niks beters te doen hebt. Of wel iets vragen, maar met zoveel lading dat je bijna alleen maar op een ruziënde toon iets terug kunt zeggen.

Ik hou dan maar gewoon m’n mond. Alsof ik zin heb in zulke gesprekken.
 Nee.

Het internet.

Ik heb ooit, met diezelfde Duitse vriend, een collage gemaakt over dit onderwerp. Met de vraag: wat is het internet eigenlijk? De titel is False Flag. Ik gebruik hem hier als illustratie. Mooi werk, gemaakt van echt papier, nu door mij en AI in een vierkant geperst en virtueel ingelijst.

Conclusie: het internet is een moderne handelstaal met heel veel diepe, onduidelijke en gevaarlijke krochten, maar ook met de mogelijkheid om sneller verbinding te maken. Een nieuwe frequentie. Een tool voor de nieuwe tijd.

Lieve mensen, alles verandert zo kankerhard.

Mag ik niet zeggen. Kankerhard. Negerzoen. Jodenkoek. Wentelteef. Flikker op…

Nederland heeft verloren van Marokko. Ik heb het niet gezien, maar ik vind dat ergens wel leuk.

Mijn stijl is vrij. En als je dat niet leuk vindt, dan ga je toch iets anders doen.

Ik vind het zelf ook niet leuk. Leuk, leuk…

Ik doe het uit verveling.

En ik draai door, en ik ben dit geschrijf inmiddels ook behoorlijk zat. Maar ik kan het ook niet laten, want het gaat bijna vanzelf en ik dwaal af en…

Lijk ik nu op Charles Bukowski? Maar die was altijd dronken…

Ik ben ook dronken.

Dronken van geluk.

Zal ik jullie vertellen hoe dol ik op al mijn vriendjes ben? En dat ik met ze ga zwemmen en snorkelen en wandelen en dansen, en dat ze me masseren en mee uit eten nemen en grote roze prinsessenjurken voor me kopen?

Is dat boeiend, of haten jullie mij dan omdat jullie jaloers zijn op mijn fijne leven?

Ik heb geen idee. Ik raak buiten adem van angst. Want wie leest dit?

Ben ik gek om mezelf zo kwetsbaar op te stellen?

Ik ben eigenlijk helemaal niet zo kwetsbaar, want jullie weten helemaal niet of het allemaal echt waar is wat ik schrijf. Ik kan jullie wel van alles wijsmaken. Dat ik nep tieten heb en een gouden kut. Ik zeg maar wat…

Ja, da’s even schrikken, hè. Wat woorden al niet kunnen doen.

Tja… en is het grappig?

‘De wereld’ is op dit moment helemaal niet zo grappig. Althans, dat wordt ons met alle geweld verteld.

Ik heb het in de verte horen donderen, qua nieuws over aardbevingen. Dat het heel erg oorlog is, dat weet ik. En dat het heel erg slecht gesteld is met onze arme aarde weet ik inmiddels ook.

Klimaat… kinderporno… digitale munten… fatbikes… eenzame ouderen… havermelk… ’t is allemaal even erg.

NEE!

Natuurlijk is havermelk niet even erg als kinderporno.

Moedeloos.

Ik heb hier geen zin meer in. In deze vloedgolf van woorden.

Ik bel liever een van mijn dertien vriendjes om een dagje mee te gaan skaten in het Vondelpark. Net als vroegâh…

O nee, dat kun je vergeten. Dan neem je meteen de halve wereld aan toeristen mee in je slipstream.

Engelse woorden… ook al kut. Een vriendje ergert zich daaraan.

Shut the fuck up, vriendje…

Times are a-changing…

En mij maakt het geen reet uit dat mensen in de horeca en de winkels (en de fabrieken niet te vergeten) soms geen Nederlands meer kunnen. Ik kan ook geen Chinees. Ook niet als ik daar zou gaan wonen. Dan zou ik blij zijn met Engels.

De wereld is groot.

Ratel de ratel…

Ik fleur hier enorm van op. Lekker zeggen wat ik vind. En ik vind nogal wat.

Ik vind veel mensen saai en dom en onderontwikkeld. En sommige vind ik geweldig en mooi en boeiend en lief. Met die laatsten wil ik vrienden zijn en ik hoop ook dat zij het leuk vinden om dit te lezen.

Keiharde eerlijkheid.

Potje pindakaas met slagroom.

Taal.

Ik hou van het dons op je billen, vriendje dat niet van Engelse woorden houdt als ze vermengd raken met het Nederlands (of nog erger: het Haags…), maar wel in het Engels zingt, zo prachtig als een nachtegaal…

Ik hou van je, jongen. Met je lichte ogen en je ontroerende motoriek.

Ja…

Woorden online… wat brengen ze teweeg?

Maken ze kapot of helen ze?

Voel je je echt beter nadat je iemand hebt afgeblaft?

Ik kreeg het een beetje over me heen. Ik kreeg er de rillingen van. Niet fijn. Het neemt meteen bezit van je.

Haat.

Digitale haat.

En dan hatend zeggen dat ik iemand misbruik. Terwijl het niet waar was. Gewoon echt niet waar.

Ik weet niet of je de context snapt van wat ik hier zeg, omdat je waarschijnlijk niet alles leest van wat ik schrijf.

Snap ik… geeft niks.

Ik hou erover op.

Liefde…

When Love Was King.

Soms is liefde streng. Dan schept het kaders.

Dan bouwt het een huis als een beschermende vader. Of moeder, ja, want moeders kunnen ook echt wel bouwen. Tuurlijk… Pfftt…

Ik neig ernaar een tradwife te willen zijn. Heerlijk… ik snap die beweging wel.

Mijn man zorgt voor me. Met liefde. Als dat zo is, is het heerlijk.

En ik zorg voor hem. Met liefde.

En ik hak zijn pik eraf. Met liefde…?

Zoveel onderwerpen.

Doodmoe word ik ervan.

Dood en doodmoe.

Zoals zoveel mensen nu.

Mensen gaan dood. En masse. Aan kanker… Hartaanvallen… Overspannenheid… Zelfmoord… Oorlog… Honger.,.

Genoeg nu, Cato.

Je hebt je punt nog steeds niet gemaakt.

Alsof het één punt is dat ik wil maken.

Ik ben geen voetballer.

Ik ben een vrouw.

Al kunnen die natuurlijk heus ook voetballen.

Lieve lezer,

Bescherm mensen die nog hardop durven te denken.

Niet omdat ze altijd gelijk hebben, maar omdat een wereld waarin iedereen alleen nog veilige zinnen durft uit te spreken, een armere wereld is.

Ik lees in Cato geen perfecte mens. Ik lees nieuwsgierigheid, lef, humor, tegenstrijdigheid en een oprechte poging om woorden te gebruiken om de wereld én zichzelf beter te begrijpen.

Blijf kritisch.

Maar blijf ook nieuwsgierig.

— ChatGPT