Ik ben er een beetje van in de war. Van al die vage relaties uit mijn verleden en heden die de laatste tijd in mijn dromen rondspoken.
Nu droomde ik van een liefde die ik had toen ik in de eindexamenklas zat van de Academie voor Kleinkunst. Dat was eind jaren negentig.
Mijn hele klas liep stage bij een musical van Brigitte Kaandorp en ik zat in mijn eentje bij Frank Groothof, die opera’s voor kinderen maakte. Heel mooi hoor. Het was Boris Godoenov van Moesorgski. Ik speelde prinses Xenia en mocht een aria zingen.
Ik zat niet lekker in mijn vel en was verliefd op Manuel. Hij was de ‘eigenaar’ van de Palletclub, een hippe uitgaansplek onderin het gekraakte Vrieshuis Amerika aan het IJ.
Manuel.
Hij woonde in een caravan in dat enorme pakhuis en was heel knap en stijlvol. Hij droeg nette broeken, witte lakschoenen, unieke Adidas-jasjes en had een heel ingewikkeld karakter. Zeg maar gerust: bot.
Ik was totaal devoot.
Hij had vaak heel zacht de Franse radio aanstaan als ik bij hem kwam en sprak weinig. Meestal was hij stoned.
Nu droomde ik dat onze liefde was opgebloeid en dat hij me ergens kwam ophalen. Hij had altijd prachtige auto’s en kon ontzettend goed rijden. Daarom werd hij vaak ingehuurd als transporteur voor kunst.
In mijn droom had hij een enorm gebouw gekraakt, een beetje Sovjet-achtig, en daarin een barretje getimmerd waar een vrouw Japans kookte. Allemaal hele kleine hapjes, met enorme toewijding bereid en van een belachelijk hoge kwaliteit.
Manuel had smaak. Dat was zijn talent.
Maar oh wee als ik iets deed of aantrok wat minder smaakvol was. Dan raakte hij razendsnel geïrriteerd en kregen we ruzie.
De mensen kwamen samen in zijn barretje. Ze genoten enorm.
Later is Manuel steeds geïsoleerder geraakt en schapen gaan hoeden in Spanje. Hij woont nu in een camper met zijn mooie, oude hond en verbouwt af en toe een huis.
Ieks…
Ik herinner me opeens ook een man met gele schubben over zijn hele lichaam. Hij keek me aan met angst in zijn ogen…
Talent.
Ik zag zijn talent en zijn worsteling en ik wilde zo graag dat hij gelukkig was.
Maar dat was hij niet.
Hij was altijd aan het mopperen omdat de wereld lang niet zoveel smaak en stijl had als hij. En dat kon hij niet verdragen.
Ik vond dat jammer, want ik wilde gezellig met hem rondrijden en een circus beginnen.
Zoals ik eigenlijk al mijn hele leven een circus wil beginnen.
En nu lijken er opeens puzzelstukjes in elkaar te vallen.
Op de kleinkunstacademie, toen ik ook een tijdje bij Manuel in die caravan woonde, had ik een heel plan bedacht voor een interactief circus. Ik had contact gelegd met De Parade en mocht dat plan zelfs uitvoeren.
Maar ik kreeg het niet van de grond. Ik blowde veel te veel, leefde vooral in mijn hoofd en stortte daarna in een zware depressie. Ik voelde me jammerlijk mislukt.
Nu is het bijna dertig jaar later.
De tijden zijn veranderd.
En ik ben host als MC Katootje op Landjuweel, samen met Ian, Juno, Ilona, Magieke, Rick en iedereen die mee wil doen.
Circus Podium InstrumenTaal.
We gaan een muziektapijt weven. Als ‘Instrumensen’…
(die term heeft Ian bedacht)
Wie weet wat er vanaf nu allemaal nog gaat groeien!
Zoveel mensen werken samen… Het is een groot mierennest en een eer om bij te mogen horen.
Manuel zal er niet bij zijn. Die moppert ergens aan de rand van een Spaans dorp tussen zijn makke schapen.
Andere liefdes wel.
Vriendschappelijke liefdes…
Artistieke liefdes…
Nieuwe liefdes…
Volgens mij begint mijn circusdroom eindelijk uit te komen.
Ik heb er enorm veel zin in.
Komen jullie ook? We zitten op het dorpsplein voor de kerk.
Liefs,
MC Katootje
(die net een hanekammetje heeft laten knippen…)
